Publicaties en analyse

Werkloosheidsgraad 10,5% in Brussel

De voorlopige resultaten voor de maandelijkse indicatoren op basis van de Enquête naar de Arbeidskrachten van Statbel, het Belgische statistiekbureau, wijzen op een afname van zowel de werkgelegenheidsgraad als de werkloosheidsgraad. De werkgelegenheidsgraad bij 20-64-jarigen wordt geschat op 70,0%, en de werkloosheidsgraad duikt voor het eerst in 2021 onder de 6% en bedraagt 5,7%.

Sinds midden november wordt telewerk opnieuw verplicht, wat zich weerspiegelt in de cijfers. Tussen oktober en november stijgt het percentage werkenden dat soms, gewoonlijk of altijd van thuis uit werkt van 36,5% naar 38,3%. De werkloosheidsgraad van mannen bedraagt 6,5%, die van vrouwen 4,8%.

De werkgelegenheidsgraad daalt het sterkst in Wallonië (-2,2 procentpunt), gevolgd door Vlaanderen (-1,5 procentpunt). In Brussel stabiliseert de werkgelegenheidsgraad (-0,1 procentpunt). In Brussel bedraagt de werkgelegenheidsgraad van 20-64-jarigen 62,2%, in Vlaanderen 74,5% en in Wallonië 64,7%. De werkloosheidsgraad daalt het sterkst in Brussel, gevolgd door Vlaanderen. In Wallonië stabiliseert de werkloosheidsgraad. De werkloosheidsgraad bedraagt 3,3% in Vlaanderen, 9,0% in Wallonië en 10,5% in Brussel.

Begin 2021 trad een nieuw Europees kaderreglement in voege. Dat zorgde voor aanpassingen aan de enquête. De werkgelegenheidsgraad van 2021 kan daarom niet zomaar vergeleken worden met de cijfers vóór 2021. Eén van de belangrijke wijzigingen: vanaf dit jaar worden personen in tijdelijke werkloosheid voor langer dan drie maanden niet meer bij de werkenden gerekend, maar bij de werklozen of inactieven, afhankelijk van de antwoorden op de vragen naar het zoeken naar werk en het beschikbaar zijn. Om de impact van deze gewijzigde behandeling van langdurig tijdelijk werklozen te illustreren berekent Statbel, naast de officiële werkgelegenheidsgraad, ook een alternatieve werkgelegenheidsgraad, waarbij langdurig tijdelijk werklozen zoals vroeger ingedeeld worden bij de werkenden. Sinds mei 2021 zien we dat het aantal langdurig tijdelijk werklozen sterk begint te dalen, waardoor het verschil tussen de officiële en alternatieve werkgelegenheidsgraad ook kleiner wordt. Sinds september ligt de alternatieve werkgelegenheidsgraad nog slechts 0,1 procentpunt hoger dan de officiële. Deze alternatieve werkgelegenheidsgraad bedraagt 70,1% in november.

U leest hier het volledige Statbelbericht.

Zoek een artikel